Is de zin Zijn arm zit in de plaaster correct?
Nee, standaardtaal is Zijn arm zit in het gips.
In de standaardtaal zegt men dat een gebroken arm of been in het gips wordt gelegd. Ook het werkwoord gipsen wordt in dit verband gebruikt.
(1) Zijn arm zit in het gips.
(2) De dokter heeft het been gegipst.
Breuken worden verbonden met een gipsverband. Een gipsverband wordt in de gipskamer aangelegd.
Plaaster wordt in deze context vrijwel uitsluitend in België gebruikt en is ook daar geen standaardtaal.
(3) Na vijf weken in de plaaster mag zijn arm er eindelijk uit. (in België, geen standaardtaal)
(4) Het hoofd van de pop was gemaakt van papierdeeg en plaaster. (in België, geen standaardtaal)
| plaaster | gips | |
| Grote Van Dale (2005) | 3 (Belg.N., niet alg.) gips, stuc | 2 (…) met water aangemengd gipsmeel, gipsbrij om mee te gieten of te pleisteren, syn. pleister |
| Van Dale Hedendaags Nederlands (2002) | 1 (Belg., niet alg.) pleisterkalk, syn. pleister 2 (Belg., niet alg.) gips | 1 (…) calciumsulfaat dat, met water aangelengd, gebruikt wordt om iets te gieten of te pleisteren (…) syn. plaaster |
| Verschueren (1996) | Z.N. (…) 2. gipsverband, gips | 2. Metn. gipsmeel |
| Koenen (1999) | - | 2 verhard mengsel van gipspoeder en water |
| Kramers (2000) | ZN 2 = pleister | een gewoonlijk kleurloos transparant mineraal (…), toegepast (…) bij het verbinden en spalken van gebroken lichaamsdelen |
| Correct Taalgebruik (2001), p. 196 | [wordt afgekeurd] Breuken worden verbonden met een gipsverband. | - |
| Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 211 | [wordt afgekeurd] 1) het pleister; gips, stuc; gipsverband | - |
| Vlaams-Nederlands woordenboek (2003) |
(…) - gips, gipsverband - gips, stuc, pleister |
- |