In welke context is voor 'iemand die voor iets in aanmerking wil komen' het woord kandidaat gebruikelijk?
Het woord kandidaat wordt vooral gebruikt voor iemand die voor een ambt verkozen wenst te worden of die deelneemt aan een examen of een wedstrijd.
Het woord kandidaat heeft de specifieke betekenis van 'dinger naar een ambt of betrekking', 'examinandus' of 'kanshebber in een wedstrijd'. Kandidaat komt ook voor in de betekenis van 'iemand die zijn kandidaatsexamen (een inmiddels afgeschaft academisch examen) heeft behaald'.
Een algemene term voor iemand die iets wil kopen, pachten of verwerven is gegadigde, bijvoorbeeld:
(1) Gegadigden kunnen zich bij de personeelsafdeling aanmelden.
(2) Er waren weinig gegadigden bij de verkoop.
Voorstellen / voordragen (een persoon - )
Grote Van Dale (2005); Van Dale Hedendaags Nederlands (1996); Wolters-Koenen (1996); Verschueren (1996); Kramers (1996); Correct Taalgebruik (1997), p. 107