Is heirkracht correct?
Het is niet duidelijk of we heirkracht al dan niet tot de standaardtaal in België kunnen rekenen. Standaardtaal in het hele taalgebied is in elk geval overmacht.
Wanneer iemand door omstandigheden verhinderd wordt of in de onmogelijkheid verkeert om zijn verplichtingen na te komen, spreekt men in de standaardtaal van overmacht.
(1) Afwezigheid wegens een zakenreis of vakantie vormt geen geval van overmacht.
(2) Bij overmacht, ongevallen of slechte weersomstandigheden vervalt deze garantie.
In België wordt in deze betekenis ook heirkracht gebruikt, ook door veel standaardtaalsprekers. Toch is er een niet te verwaarlozen groep taalgebruikers die het woord afkeurt. Het is daarom vooralsnog niet duidelijk of het woord tot de standaardtaal in België gerekend kan worden.
(3) Het is slechts bij enorme heirkracht dat een van de aangehaalde alternatieven een kans maakt. (in België, status onduidelijk)
(4) Moeilijkheden met bouwvergunningen worden niet beschouwd als een geval van heirkracht. (in België, status onduidelijk)
Daarnaast komt in België ook een enkele keer de variant heerkracht voor. Die vorm is geen standaardtaal.
(5) Als je afwezig bent omdat je een ongeval hebt gehad, dan is dat een geval van heerkracht. (in België, geen standaardtaal)
Het verouderde woord heirkracht (in de betekenis 'aanzienlijke legermacht') wordt gebruikt in de context van de bijbel (bijv. de dag van Zijn/Gods heirkracht).
| heirkracht | heerkracht | overmacht | |
| Grote Van Dale (2005) | 2 (Belg.N., niet alg.) overmacht (3), heerkracht (2) | 2 (Belg.N., niet alg.) overmacht (3), heirkracht (2) | 3 (jur., hand.) niet-toerekenbare onmogelijkheid om zijn verplichting na te komen, syn. force majeure |
| Van Dale Hedendaags Nederlands (2002) | [bij heir] zie heer-2 | - | 2 (jur.) niet-toerekenbare onmogelijkheid om zijn verplichting na te komen (…), syn. force majeure |
| Verschueren (1996) | - | Z.N. overmacht | 2. macht, geweld waartegen men zich niet kan vrijwaren, die men niet kan voorkomen |
| Koenen (1999) | [bij heir] zie heer (-) | - | 2 (jur, econ) lichamelijke of geestelijke, niet te voorziene dwang, waardoor de aansprakelijkheid voor iems doen of laten wordt opgeheven; force majeure |
| Kramers (2000) | [bij heir] en alle samenstellingen hiermee zie 2heer(-) | ZN overmacht | 2 omstandigheden waartegen niemand voorzorgen kan nemen en die hem verhinderen zijn verplichtingen na te komen |
| Correct Taalgebruik (2001), p. 101 | [wordt afgekeurd] Correct is: overmacht. | - | - |
| Woordenboek correct taalgebruik (2004), p. 112 | [wordt afgekeurd] in geval van -, in geval van overmacht | [wordt afgekeurd] | - |
| Vlaams-Nederlands woordenboek (2003) | overmacht | overmacht | - |